Diagnose

Zoals al eerder uitgelegd worden de labowaarden van een 25-jarige als referentie genomen, dwz als normale waarden beschouwd.
Men kan zeggen dat dit op ongeveer 75 % van de maximum referentiewaarde van het laboresultaat lig.

AAT geneeskunde behandelt tekorten die buiten het werkterrein van de endocrinoloog of hormonenspecialist liggen.
De klassieke geneeskunde beschouwt alle resultaten die tussen de minimum en maximum referentiewaarde van het loboratorium liggen, als normaal.
Dus de patiënten wiens resultaten binnen deze grenzen vallen, zullen geen behandeling krijgen.

Het is wel zo dat als uw resultaten halfweg of tot op een kwart zijn teruggevallen, dat u al wel wat klachten van tekorten heeft en u zich dan ook helemaal niet goed voelt.
AAT gaat veel subtieler te werk en behandelt deze patiënten wel.

Er moet steeds een evenwicht gevonden worden tussen de laboresultaten, wat de arts vaststelt bij het onderzoek van de patiënten en de symptomen van de patiënt. Deze drie gegevens gaan bepalen met welke behandeling gestart wordt.