Neurotransmittoren

Wat zijn neurotransmittoren en wat is hun rol?

Neurotransmittors zijn de chemische boodschappers in ons zenuwstelsel. Ze bevorderen de zenuwpuls overdracht van zenuw tot zenuw. Ze bepalen bijvoorbeeld ook onze emoties en ons gedrag. Zo is het algemeen gekend dat een tekort aan serotonine leidt tot depressieve toestanden.

Het gehalte serotonine hangt af van een evenwicht tussen productie en afbraak. Als de productie te laag en/of de afbraak te hoog liggen, dan resulteert dit in een daling van het serotomiegehalte in de hersenen en bijgevolg in een depressieve toestand.

Er zijn echter vier grote groepen neurotransmittoren :

  1. Dopaminerge as
  2. Serotoninerge as
  3. Cholinerge as
  4. Adrenerge as

Tekorten aan neurotransmittoren of zelfs in sommige gevallen een teveel aan een bepaalde neurotransmittoren kunnen de volgende problemen geven : depressie, obsessioneel compulsief gedrag, eetstoornissen, verslavingen zoals roken,

Onderzoeken

De onderzoeken worden uitgevoerd op aangezuurde urine.

Hiertoe dient men een urinecollectie uit te voeren over de nacht gedurende 12 uur omdat dan het zenuwstelsel in relatieve rust is en de productie van neurotransmittoren als basaal kan beschouwd worden. Twee dagen voor de urinecollectie dient men bepaalde voedingswaren te mijden om geen vervalsing van de resultaten te veroorzaken.

Men gaat de belangrijkste neurotransmittoren van de vier grote assen bepalen en meten.

De resultaten worden mooi, overzichtelijk in een grafiek weergegeven.

Echter in het onderzoek naar depressie is het onderzoek van de neurotransmittoren alleen niet voldoende maar men dient ook het vetzurenprofiel te bepalen, de oxidatieve stress te meten en het hormonaal evenwicht na te gaan.

De test wordt om de 3 maanden overgedaan tot de waarden genormaliseerd zijn. Nadien nog om de 6 maanden.

Behandeling

De tekorten in neurotransmittoren kan men niet aanvullen door neurotransmittoren toe te dienen. Dit zou enorme algemene neveneffecten geven. Wat wel gedaan wordt, is alle bouwstenen aanbieden zodat het zenuwstelsel zelf productie van die specifieke neurotransmittor kan opdrijven. Zo brengt de patiënt zijn tekort zelf in orde. Daartoe neemt de patiënt dan bepaalde aminozuren, bepaalde vitaminen en/of mineralen.
Wie komt hiervoor in aanmerking?

Alle patiënten met een eigen verhaal van depressie of met een familiaal voorkomen van depressie. Maar ook alle patiënten met stoornissen zoals : angst, nervositeit, obsessioneel compulsief gedrag, eetstoornissen, rookverslaving, afhankelijkheid van personen en geheugenverlies.